Posts tonen met het label Primo de Rivera. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Primo de Rivera. Alle posts tonen

24-12-2014

De tien meest universele kunstwerken van Barcelona - volgens de Barcelonezen zelf (4)

Welke tien openbare kunstwerken  in Barcelona zijn het meest universeel? Dat wilde de organisatie Capital de la Cultura Catalana weten. Meer dan 7000 Barcelonezen mailden hun favorieten. Genoeg aanleiding voor een serie posts.  Deze keer de roerige geschiedenis van het duo República en Victoria.


6. Josep Viladomat - La República (Homenage a Pi i Maragall) (1934). Plaça de Llucmajor


Een beeld met een lange geschiedenis. Pi i Maragall, Catalaan en tweede president van de kortstondige Eerste Spaanse Republiek zou al in 1915 een monument krijgen, maar onderling politiek gekrakeel en de dictatuur van Primo de Rivera verhinderde realisering. Pas met de komst van de Tweede Spaanse republiek werd het echt wat. In 1931 verscheen op het Plaça  Cinc d´Oros een buste van Pi i Maragall, gemaakt door Felip Coscolla:


Kennelijk had de president te weinig uitstraling voor het plein op de kruising van de chique Passeig de Gracia en de Diagonal. Al in 1934 werd een openbaar concours uitgeschreven voor een imposanter werk, met als gelukkige winnaar Josep Viladomat. Zijn beeld, een naakte República, belandde helemaal bovenop een als el lápiz (het potlood) gedoopte obelisk, een werk van de gemeentearchitecten Josep Vilaseca en Adolf Florensa. Pi i Maragal degradeerde; aan de voet van het potlood kreeg hij een medaillon, bedacht door Joan Pie.


De Catalaanse president Lluís Companys onthulde de bonte verzameling. Dat was op 12 april 1936, aan de vooravond van de Spaanse Burgeroorlog:


Blote borsten
Franco won die oorlog in 1939. Lluis Companys werd in 1940 gefusilleerd. Straten en pleinen kregen nieuwe namen. Het Plaça Cinc d’Oros heette voortaan Plaza de la Victoria. En talloze beelden die in Franco's ogen niet Spaans genoeg waren werden weggehaald en vaak vernietigd. Viladomats naakte dame met lauriertak verdween (samen met Pi i Maragalls medaillon) in een gemeentelijk magazijn. Ze werd vervangen door zo'n typisch Franco-symbool, een adelaar, door de Barcelonezen al snel el Gran Loro genoemd, de Grote Papegaai.

Helemaal bovenaan: el Gran Loro.



Victoria van Frederic Marès.
Onderaan de voet van de obelisk kwam wel andere dame. Ironisch genoeg was dit het beeld waarmee veelschepper Frederic Marès in 1934 de tweede prijs had gewonnen. Marès moest wel een en ander wijzigen. Die blote borsten bijvoorbeeld, dat kon in het streng-katholieke Spanje van Franco natuurlijk niet. En zo werd de vrijgevochten República een zedige Victoria, aan haar voetjes een inscriptie voor de gevallen ‘helden van het franquisme’.

De vrijgevochten República werd een zedige Victoria

Weer volgden andere tijden. Franco ging in 1975 dood en Spanje werd weer een koninkrijk. Barcelona noemde het Plaza de la Victoria naar de nieuwbakken vorst. In het Catalaans – dat mocht nu weer: Plaça Joan Carles I. Vreemd genoeg liet het gemeentebestuur Marès’ Victoria ongemoeid, al werd de inscriptie voor de dode Franco-helden een paar jaar later bedekt.

Viva la República!
Viladomats beeld ondertussen, kwam ook onder het stof vandaan. Het beeld ging zelfs op reis, naar Madrid nog wel. In 1983 figureerde het daar op de tentoonstelling Cataluña en la España moderna – ja, toen hielden Madrid en Catalonië nog een beetje van elkaar.
De medaillon voor Pi i Maragall. 
Het duurde nog tot 1990 voordat een vaste plaats werd gevonden, het Plaça de Llucmajor in de arbeiderswijk Nou Barris. Daar kwam van het duo Albert Viaplana en Helio Piñón een abstract kunstwerk te staa , als entourage voor zowel Viladomats República als de medaillon van Pi i Maragall. De vlaggenmast (?) is natuurlijk een weinig subtiele verwijzing naar het potlood op het Plaça Joan Carles I.
República


Daar gaat Victoria.
Op dat plein stond nog al die tijd Marès' Victoria. Eind 2007 nam het Spaanse parlement de Ley de Memoria Histórica (Wet op de Historische Herinnering) aan, die de slachtoffers van de burgeroorlog hulp en eerherstel moet geven. Deze wet verplicht Spaanse gemeenten onder meer om Franco-symbolen uit het openbare leven te verwijderen. In Barcelona was het beeld van Frederic Marès het allerlaatste. Op 31 januari 2011 was het zover. De socialistische burgemeester Jordi Hereu hield een kort toespraakje en daar ging Victoria. "Viva la República!", riepen de tweehonderd toeschouwers.

De Grote Papegaai was al jaren eerder uitgevlogen.
 

 Dat Victoria als laatste werd verwijderd, was, zo wist Hereu te vertellen, omdat prioriteit was gegeven aan het ruimen van beelden met een uitgesproken Franco-signatuur. Zoals het ruiterstandbeeld van de Caudillo in het kasteel op de Montjuïc. De maker: Josep Viladomat.
Het Franco-ruiterstandbeeld werd in 2008 opgeborgen in  een gemeentemagazijn.









BCN BITES - kijk voor meer nieuws over Barcelona en Catalonië op onze Facebook pagina!

26-03-2014

Patriot Puig en de rode tirannie


 De Montjuïc als Barcelona’s Acropolis. Een ode aan de oude Grieken, ingewijd met een expositie over het nieuwste wereldwonder: elektriciteit. Architect Josep Puig i Cadafalch zag het begin vorige eeuw het al helemaal voor zich.

Een plein met daarop een halfronde ruimte voor verpozing en beschaafde conversatie. Vanaf het plein vertrekt een statige boulevard met links en rechts paviljoens, getooid met de namen van de Zeven Vrije Kunsten. En aan het einde, al op de Montjuïc, het monumentale Paleis van Oude Wijsheid.

Tussen plein en paleis had Puig vier ionische zuilen gedacht. Een hommage aan Athene Nikè’s vierzuilige tempel op de Acropolis, maar vooral een reuzenversie van de Catalaanse vlag, de senyera. Vanaf achter het paleis moesten vijf gele en vier rode lichtbundels de senyera boven Barcelona uitstralen.

La Pàtria
Propaganda voor la pàtria (het vaderland), aan Puig kon je het overlaten. Zijn creaties (Les Quatre Gats, Casa Amattler, Casa Macaya et cetera) sierde hij steevast met minstens één beeltenis van Sant Jordi, de Catalaanse beschermheilige.
Josep Puig i Cadafalch (1867-1956)

De man was ook nog politicus. Kopstuk van de Lliga Regionista (de eerste Catalanistische politieke partij) en vanaf 1917 voorzitter van de Mancomunitat. Feitelijk was dat orgaan een administratieve samenbundeling van de vier Catalaanse provincies. Toch ging het om de eerste vorm van Catalaans zelfbestuur sinds die vermaledijde Philips V daar in 1714 een einde aan maakte.

Oerconservatief
De Lliga wilde onder Catalaanse leiding de Spaanse economie moderniseren. Tegelijkertijd was de partij oerconservatief en vooral een instrument van de industriële bourgeoisie en de nieuwe zakenklasse.

Een dictator is de beste garantie voor Law and Order, orakelde Lliga-ideoloog Enric Prat de la Riba eens. Een sterke man zou het volk in toom houden en de Catalaanse cultuur in staat stellen zich te ontwikkelen in pais en vree.

Half september 1923 ontvangt de Lliga dictator Miguel Primo de Rivera dan ook met open armen. De partij heeft in de jaren daarvoor aan kracht en geloofwaardigheid ingeboet. De arbeiders emanciperen zich. Hun vakbonden zijn steeds sterker en ook beter georganiseerd, vooral de CNT, de vakbond van de anarchisten. Het grootste CNT-succes is de Canadenca-staking in 1919, die leidt tot de invoering van achturige werkdag in heel Spanje.

Oorlog
 Kort na deze staking wordt CNT-kopstuk Miguel Burgos doodgeschoten bij de Arc de Triomf. Het is het begin van drie jaar oorlog tussen door de werkgevers ingehuurde pistoleros en gewapende anarchisten. De strijd in de straten van Barcelona bereikt op 10 mei 1923 een dramatisch hoogtepunt. CNT-leider Salvador Segui, de grote man van de Canadenca-staking, wordt in El Raval geliquideerd.  Tien minuten eerder was hij nog aan het biljarten met een bevriende arbeidsadvocaat, Lluís Companys, de latere president van Catalonië.
 Enric Prat de la Riba: een dictator is de beste garantie voor Law and Order

Kortom, chaos alom. De Lliga huivert. De partij heeft Catalonië hoog in haar vaandel zijn, maar hoger staan Recht en Orde. Helemáál bovenaan: de Catalaanse zakenbelangen. En ook die hebben het zwaar te verduren. Zo dreigt de regering in Madrid dat jaar met verlaging van de importbelasting om de Spaanse burgers te verleiden meer te consumeren.

Beweging voor mannen
Aan de vooravond van Primo´s coup zou volgens sommige historici de zaak beklonken zijn in een luxe hotel in Barcelona. Primo moet daar zijn manifest van de machtsovername hebben voorgelezen aan een gezelschap Catalaanse zaken-VIP´s en Lliga-prominenten, waaronder Puig i Cadefalch. De heren stemmen gaarne in met de ‘beweging voor mannen’, zoals Primo zijn redding van het vaderland noemt. Op voorwaarde van bescherming voor de Catalaanse industrie en meer autonomie voor Catalonië.
Brothers in Arms: Alfons (links) en Miguel.

Het blijkt een grote vergissing. Op 18 september al, vijf dagen na de coup, begint de door koning Alfons XIII gesteunde Primo met zijn verspaansing van Catalonië. De Catalaanse vlag en het Catalaans als overheidstaal gaan in de ban. Een verbod op het Catalaans in het onderwijs volgt. Zelf de toch zo onschuldige sardana mag niet langer worden gedanst.

In 1925 ontbindt Primo de Rivera ook de Mancomunitat. Puig y Cadafalch is dan al lang vervangen door een stroman van Primo. Zijn job bij ‘zijn’ expositie is hij ook kwijt. Mariano de Foronda, baas van het trambedrijf en sinds 1916 markies, krijgt de zakelijke leiding. De nieuwe bouwmeester is Pere Domènech i Roura, zoon van Puig i Cadafalchs leermeester Domènech i Montaner. De ene Modernist zijn dood…

Magische Fonteinen
 
Uiteindelijk vindt het evenement pas plaats in 1929, als de Wereldtentoonstelling van dat jaar. Flink verspaanst uiteraard. Met een Plaza de España, een Poble Español en paviljoens met namen van Spaanse vorsten. Het allerergste voor de Catalaanse trots: de vier zuilen, het eerste wat Puig in 1919 bouwde voor de expositie, waren een jaar eerder vernietigd.
De vier zuilen in aanbouw...

Omdat Primo ze te Catalaans vond, beweren nationalisten altijd. Onzin, meent historicus Oriol Granidos, directeur van het Studiecentrum van de Montjuïc: de zuilen ontnamen het zicht op een van de latere ideeën voor de Wereldtentoonstelling, de Magische Fonteinen van Carles Buïgas. Uit de documentatie van de Wereldtentoonstelling blijkt dit volgens Granidos overduidelijk.
...en de vernietiging in 1928.

Puig i Cadafalch ging eind 1936 naar Frankrijk, kort na het uitbreken van de burgeroorlog. Op de vlucht voor de rode horden van anarchisten en communisten. Voor zijn vertrek ondertekende hij nog snel een steunbetuiging aan Franco - en met hem tal van andere Catalaanse prominenten.

 Voor zijn vertrek ondertekende Puig nog snel een steunbetuiging aan Franco

 Een citaat: Als Catalanen benadrukken wij dat ons land verder wil samen met de andere volkeren van Spanje, uit broederlijke liefde en vanuit het gevoel een gezamenlijke bestemming te hebben, dat allen verplicht bij te dragen met de grootst mogelijk opoffering aan de gezamenlijk taak van de bevrijding van de rode tirannie en het herstel van de grootse toekomst van Spanje.


Rode hordes

 In 1942 zien we patriot Puig i Cadafalch weer in Barcelona. De rode hordes zijn verslagen. Law en Order zijn hersteld. President Lluís Companys, in 1939 naar Frankrijk gevlucht, was al eerder teruggekeerd in Barcelona. Augustus 1940 was hij door de Gestapo opgepakt en aan Franco uitgeleverd. Na een proces van 45 minuten volgde op 15 oktober zijn executie; in het kasteel op de Montjuïch.  Josep Puig i Cadefalch leeft vredig door tot 1956, als president van het zeer patriottische Institut d’Estudis Catalans.

Lluís Companys in het Montjuïc-kasteel,  kort voor zijn executie.
 De tekst van de inscriptie op de kopieën van de zuilen luidt als volgt:
 Restitutie, als een daad van historische rechtvaardigheid, van de vier zuilen omvergeworpen door de dictatuur in 1928 om hun symbolische karakter voor Catalonië 1919-2010.

Nationalistisch sentiment en historische waarheid, ze gaan maar zelden samen.


Toen................. sinds 2010.
 
De vier nieuwe giganten staan iets hoger dan hun voorgangers, op het  - o, ironie! - Plaça del Marqués de Foronda.  In 2012 volgde een tweede inscriptie:  
Nationaal monument, als eerbetoon aan de patriottistische Catalaanse mannen en vrouwen van alle tijden.

Dat is dan wel weer mooi: Puig i Cadafalch blijft op de zuilen onvermeld. Historische rechtvaardigheid, kun je zeggen. Oude Wijsheid.



Het Plaza de España in 1928. Op de achtergrond staan de zuilen nog fier overeind.


BCN BITES - kijk voor meer nieuws over Barcelona en Catalonië op onze Facebook pagina!

11-12-2012

Spaans zult gij spreken! De illustere voorgangers van José Ignacio Wert

De Spaanse onderwijsminister José Ignacio Wert kent zijn klassieken. Met zijn ´verspaansing´ van het Catalaanse onderwijs schaart hij zich in een lange traditie. Deze begon ooit koninklijk, in 1715, met Filips V en zijn ‘instructie’ voor het Catalaanse onderwijs.
Daarover een ander keer. Vandaag eerst de Spaanse dictators uit de vorige eeuw en hun taalstreken – die, net als nu, overigens net zo goed gericht waren tegen de andere regionale talen van Spanje, iets wat in Catalonië nogal eens wordt ‘vergeten’. 



We beginnen in de jaren twintig en Miguel Primo de Rivera. Op 11 juni 1926 kwam diens Ministerie van Openbare Instructie met een decreet dat veel dorpsonderwijzers de stuipen op het lijf moet hebben gejaagd. Artikel 1 zwaait met sancties voor meesters die het wagen geen onderwijs te geven in het Spaans, in de tekst aangeduid met ´de officiële taal´. Zelfs dreigt een ‘onmiddellijke schorsing’ van drie maanden; zonder salaris uiteraard. 


Recidivisten konden helemaal de onderwijzersborst natmaken. Herhaaldelijk zondigen (artikel 2) geeft het Departement van Educatie en Schone Kunsten namelijk het recht de slechterik te verbannen naar een andere provincie, naar een lokaliteit die even groot of zelfs kleiner is dan de originele standplaats van de rebelse meester, en waar, huiver, huiver…de enige gesproken taal de officiële taal is!



Primo de Rivera´s collega Franco was begin jaren veertig nog onverbiddelijker. Op 31 juli 1940 kwam El Gaudillo met een rondschrijven voor alle staatsambtenaren, getiteld El uso del idioma nacional en todos los servicios.
Alléén Spaans dus. Op het gebruik van andere talen volgde ipso facto (is dat geen Latijn?) ontslag, zonder mogelijkheid van beroep.


 








Lagere- schoolleerlingen in de Catalaans stad Lleida, jaren vijftig.












De mooiste is echter een verordening uit de jaren vijftig van de Franco-regering, de Junta de Defensa Nacional. Doel: españolizar la enseñanza, verspaansing van het onderwijs.

Waar hebben we dat meer gehoord? Minister Wert, een dag na zijn uitspraak: “Als mijn woorden iemand doen denken aan het verleden, dan heeft hij een mentaal probleem. ”
Tja:


Ook wij kennen onze klassiekers.

(Bron: http://antoniomaestre.wordpress.com)