07-12-2019

Klimaattop





Hoge torens houden de wind tegen. Die wind is nodig voor het verspreiden van de luchtvervuiling.

Zegt een wetenschapper van de Universiteit van Barcelona op de lokale televisie. 

De torens in kwestie zijn de zes hoogste torens van de Sagrada Família, op dit moment nog in aanbouw. De allerhoogste (172,5 meter), gewijd aan Jezus himself, maakt de Sagrada het hoogste gebouw van de stad. Barcelona’s eigen klimaattop, blijkt dus nu. 

Gaudí’s opdrachtgever was de Asociación Espiritual de Devotos de San José. Deze Jozef-adepten wilden ongetwijfeld hoger bouwen. Hun boetedoeningstempel moest de Barcelonese zondaren immers overal en op elk moment herinneren aan het bestaan van God. Ik noem maar wat:
Je bent op weg naar de dames van plezier. Nietsvermoedend kijk je naar links of rechts. En ja hoor, daar zijn ze weer, die opgeheven reuzenvingers. Wie dan geen rechtsomkeert maakt. Of beter nog: gezwind koers zet richting Sagrada, het schaamrood op de kaken.

“Een mooi idee”, zal Antoni Gaudí hebben gezegd over de ambitie van de Josefvereniging. “Maar er zijn grenzen, ook in de hoogte.”
Gods schepping overtreffen, dat moeten wij mensen niet willen, vond de architect - die zelf zich beperkte tot het lezen in en kopiëren uit het Grote Boek der Natuur. Dat pikt God ook niet. Kijk maar naar hoe het afliep met de torenbouwers van Babel.
 
Vandaar die 172,5 meter, iets lager dan het symbool van de schepping in Barcelona, de Montjuïc. 

Merkwaardig eigenlijk, die keuze. Ten eerste is daar de Tibidabo. De hoogste top (512 meter) van de stad en door de naam - die ‘Ik zal je geven’ betekent – bovendien direct verbonden met de Jezustoren van de Sagrada. Pak uw bijbel en lees Matthéüs 9:4 even.
 
Ten tweede is de Montjuïc de Mont Iovis, oftewel de berg van Jupiter. Niet onze God, maar een bedenksel van die heidense Romeinen! Regelaar van onder meer het weer en brenger van de regen.

Jupiter roerde zich de afgelopen dagen hevig en zette half Barcelona onder water.
En God? Zijn wind waait waarheen hij wil. Daar doet ook de toren van zijn eigen Zoon niets tegen.

29-11-2019

Kerststal




Het is Ada Colau weer gelukt. De burgemeester van Barcelona komt jaar na jaar met een controversiële gemeentelijke kerststal. Dit jaar is het zoiets als conceptkunst. Dus geen kerststal, maar de dozen met spullen om zo’n stal te maken uit de rommelkast. Preciezer: álle dozen uit die kast.

Bij bedenkster Paula Bosch stond de kast op zolder van haar ouders. Josep Bou van oppositiepartij Partido Popular heeft hem in de berging van zijn garage. “Kerststal-berging”, luidde zijn oordeel gisteren, een dag voor de publieke openstelling. “Het lijkt wel rotzooi-ophaaldag”, merkte een andere opposant, lid van Ciudadanos (Burgers), op.

Vandaag was het dus de beurt aan burgers zelf. Ik ging even luisteren naar de stem des volks. Een stel naast me vatte de stemming goed samen. “Het is waardeloos”, sprak zij. Hij: “Het is niet waardeloos”.
De meningen waren duidelijk verdeeld. Een derde kijker verwoordde de uitweg: “Het concept spreekt me aan.”

Dat heb je wel vaker, bij conceptuele kunst.

17-11-2019

Tweetaligheid


De Catalaanse dichter Joan Margarit won deze week de Premio Cervantes, de belangrijkste Spaanse literaire prijs.  Die Cervantes-prijs bestaat sinds 1976. Pas in 2008 - toeval of niet? -  ging de prijs voor het eerst naar een Catalaan, Juan Marsé. Een schrijver die alléén schrijft in het Spaans, net als de latere Catalaanse winnaars Ana María Matute (2012), Juan Goytisolo (2014) en Eduardo Mendoza (2016). De laatste schreef één boek in het Catalaans, maar dat was onder dwang van zijn vrouw, dus dat telt niet.

En dit jaar dan Joan Margarit. ‘Een bekroning van de tweetaligheid', las ik in de Catalaanse krant La Vanguardia – twéé edities, Catalaans en Spaans. Margarit schrijft namelijk zijn gedichten in het Catalaans, maar hertaalt ze daarna in het Spaans en publiceert vervolgens beide versies.
Bekroning van de tweetaligheid? Het lijkt mij eerder een staaltje van simpele realpolitik, nu het zo slecht gaat tussen Madrid en Catalonië.

Margarit zelf ondertussen is duidelijk geen voorstander van de Catalaanse onafhankelijkheid. “Toen Ierland onafhankelijk werd, hielden de Ieren op met Iers spreken, en nu spreekt iedereen daar Engels”, zei hij in een interview. En over zijn tweetalige gedichten: “Het zijn in feite twee gedichten, een dubbele vreugde die ik opdraag aan de exclusieve nationalisten.”

Een ode aan de tweetaligheid, in feite.

16-11-2019

Geheugen






We zien een man lopen op het strand. Dan is er een meeuw die dood is. De man bukt zich, bekijkt de verstilde vogel een handvol momenten aandachtig, kuiert vervolgens verder. Thuisgekomen doet hij zijn jas uit, gaat zitten aan tafel en schrijft een gedicht over de dode meeuw.

Het fragment komt uit een documentaire over Leo en Tineke Vroman. Op het internet vind ik de documentaire niet terug, het gedicht wel:



De zon scheen en

we zagen een meisje

uit haar muiltjes verdwenen.

de zon scheen en

we zagen een meisje uit haar muiltjes verdwenen.



De verf was aan de hielen

door haar lichtgewicht versleten

Door haar vader vergeefs gekocht

om wat iemand wilde en niet mocht

weer goed te praten.

Achtergelaten en niet vergeten



Waarom en waar moet dat heen

met alles en iedereen

zo verdwenen op Plum Beach

waar de zon scheen en

we haar niet zagen



Een prachtig gedicht, zij het zonder meeuw maar met een paar muiltjes.

Er was dan ook helemaal geen dode meeuw op acht oktober 1994, de dag dat Vroman - vergezeld van Tineke, die ik ook was vergeten - zijn strandwandeling maakte en op een paar damessandalen stuitte.


Leo Vroman zou me mijn vergeetachtigheid ongetwijfeld vergeven. “Ik heb nooit een geheugen gehad. Ik mis het ook niet”, zei hij ooit.

Sommige dichters hebben genoeg aan het hier en nu.



 Foto: Leo Vroman (links) op het strand van Portrieux in Bretagne, 1925.
 Meer over de achtergrond van dit gedicht hier.

12-11-2019

Stem





Het is de tweede morgen na de Spaanse verkiezingen. De extreemrechtsen van Vox kraaien nog steeds victorie over de linkse haan. In Catalonië hebben de independendistas gewonnen, maar niet genoeg voor de meerderheid.


Ik zit op een terras en drink koffie. Verderop in de straat verwijdert een man van de gemeente met harde hand de verkiezingsposters van de lantaarnpalen.

Uit de apotheek naast mij stappen twee mannen. Ze zijn van mijn leeftijd, maar een stuk minder in vorm, dat zie je zo. Man één heeft een doosje medicijnen in de linkerhand, de ander omklemt een forse doos met zijn rechtervuist.

Kleine Doos begint druk te praten over gezondheidszaken. Grote Doos luistert en klinkt af en toe instemmend. Minutenlang gaat het door.

Dan krijgt achter ons Carlos Puigdemont een forse klap van de gemeenteman.
De rebellenleider in ballingschap blijft er stoïcijns onder. Even lijkt het zelfs of hij ook de andere wang toe zal keren.

Kleine Doos valt een moment stil, maar oreert dan vastberaden door. Zíjn stem doet in ieder geval geen stap terug.