08-12-11

De tweede Catalaanse kakker

Vandaag nog even op de Fira de Santa Llúcia, geweest, de traditionele kerstmarkt bij de kathedraal van Barcelona. Altijd leuk, al is zo´n markt op een vrije dag als vandaag wel erg druk. Huilende kinderen en boze ouders, dat werk.

Tussen het familieleed bleef alleen Tió de Nadal vrolijk glimlachen. Zijn uiterlijk doet het misschien vermoeden, maar we hebben het hier niet over een aardige kerstoom: tío mag dan het Spaanse woord zijn voor ´oom´, het Catalaanse tió betekent ´houtblok´.  Meer dan een kwestie van accenten dus.




Caga Tió wordt dan ´kakhout´ of zoiets. Deze tweede Catalaanse kakker begon zijn leven ooit als een simpel blok brandhout. Nu ja, simpel: het Catalaanse volksgeloof wil dat de bossen bevolkt werden/worden door kabouters, dus driemaal raden wie of wat Tió eigenlijk is. Vandaar ook dat hij in de loop der tijd een gezicht kreeg; een vrolijke kop natuurlijk, want de kinderen des huizes mochten niet bang van hem worden.

Vroeger werd Tió op kerstavond of eerste kerstdag gewoon met zijn kont in de haard gezet, die met een pook nog eens extra werd opgestookt. Dan wil je wel cadeautjes kakken! Totdat de open haard plaatsmaakte voor gas en elektriciteit en Tió voortaan alleen nog maar op z´n donder kreeg met stokken.

Wat gebleven is  de aanloop naar het grote moment. Voor veel mensen loopt die gelijk met de adventsperiode, de traditionele christelijke voorbereidingsperiode voor het kerstfeest, die dit jaar begon op 2 december. Anderen houden vandaag, 8 december als startdatum aan, de katholieke feestdag van de onbevlekte ontvangenis.
Wie zijn Caga Tió serieus neemt, geeft hem gedurende deze periode een eigen plekje in de keuken. Daar krijgt hij, lekker warm verscholen onder zijn dekentje, elke dag te eten. Idealiter een gezonde sinaasappel of wat noten, maar ook op turon (nougat) is een echte Tió dol.

Turon is ook – hoe kan het anders - een populair cadeautje dat Tió uitkakt en thema in veel van de liedjes die de kinderen zingen tijdens het meppen op de gulle gever.
 Snoepgoed is sowieso zo´n beetje de grootste gift van Tió. Het geven van echt grote cadeaus is vooral  voorbehouden aan de drie koningen, begin januari.
Ook de ouderen hopen elk jaar op dikke giften. En als die niet van de heilige mannen komen, wie weet misschien dan wel via El Gordo en El Niño, de twee grootste loterijen in Spanje.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten